Voorbede Kinderen
Kinderen denken doorgaans erg associatief:
bij de woorden die ze horen
hebben ze hun eigen beelden en voorstellingen
die heel anders kunnen zijn dan die van volwassenen.
Ze hebben hun eigen verdriet, blijdschap en angst,
die voor volwassenen misschien niet (meer) herkenbaar zijn
maar daardoor niet minder waardevol of ingrijpend.
We moeten ze die ruimte geven.
Wij als volwassenen moeten het voor kinderen niet invullen,
en zeker niet onze eigen wensen of frustraties
in de mond van kinderen leggen.
Bidden met kinderen vraagt om bescheidenheid.
Er mag het een en ander tussen de regels door te horen zijn,
er mag het een en ander tussen de regels door te bidden zijn.
Ik zou zo graag tegen alle mensen willen zeggen dat ze moeten stoppen met vechten, dat ze iets liever en aardiger moeten zijn voor elkaar.
Dit is mijn grond, ik weet alle antwoorden, God vindt mij belangrijker: niemand kan dit zeggen, maar toch gebeurt het.
Er zijn mensen nodig, hier en daar, nu en straks, overal en altijd, die het onmogelijke mogelijk maken. Kunnen wij die mensen worden?
Als je bidt, dan mag je klagen, dan mag je hopen, dan mag je stil zijn.
Elkaar de hand reiken, elkaar tot steun helpen, elkaar verzorgen: wat kunnen mensen toch veel.
Ik wil bidden dat er even geen oorlog is, dat er geen wolken zijn, dat niemand nog eenzaam is. Al is het maar voor één dag…
Bidden is in gedachten dingen veranderen. Wie weet gebeurt die dingen dan op een dag in het echt.
Bid je met me mee voor mensen die het moeilijk hebben, voor mensen die onverschillig zijn, voor mensen die het goed hebben?
Een stapje terug doen, voor mensen die op hun tonen moeten lopen, voor mensen die op muren van onbegrip stuiten.